Artikel

Welke lessen trekken we uit de testfase van het ReloAD-project op de Campus 2-werf in Anderlecht? 

Op 22 januari 2026 werd het eerste ReloAD-sorteerstation ingehuldigd op de Campus 2-werf van BPC in Anderlecht (zie onze editie van Embuild Magazine van maart 2026). 6 maanden na de start van de testfase zijn de eerste resultaten bekend. Ze bevestigen dat goed georganiseerd sorteren aan de bron echt een verschil maakt op een werf: minder niet-gevaloriseerd afval, minder CO₂ en kosten die onder controle blijven. Dit zijn de belangrijkste bevindingen. 

ReloAD is een innovatief project dat het sorteren van bouwafval rechtstreeks op de werf wil verbeteren. Het werd eind vorig jaar gelanceerd en wordt geleid door Shipit en Vanheede, met de steun van Embuild.Brussels, Buildwise, Louis De Waele, Leefmilieu Brussel, SmartLife en Valipac. 

Deze dienst vormt een aanvulling op de levering van werfklare materiaalpakketten (kitting), die Shipit vanuit het Brussels Construction Consolidation Centre (BCCC) verzorgt. De vrachtwagens die materialen leveren, nemen op de terugweg het op de werf gesorteerde afval mee. Zo wordt het afval regelmatig opgehaald, in het ritme van de leveringen, zonder dat men hoeft te wachten tot een container vol is om een recyclagestroom op gang te brengen. De dienst omvat bovendien de opleiding van de werfploegen, de ophaling, de bundeling van het afval buiten de werf, de monitoring van de geproduceerde afvalstromen en de traceerbaarheidsrapportage. 

Op de Campus 2-werf van BPC, een studentenhuisvestingsproject, werd het sorteerstation gedimensioneerd op basis van de gebruikte materialen, hun hoeveelheid en de leveringsfrequentie tijdens de afwerkingsfase. Aanvankelijk waren achttien afvalstromen geïdentificeerd. Na zes maanden testen blijken er op de werf daadwerkelijk veertien te worden gesorteerd (zie kader), en bovendien maken de arbeiders daarbij weinig sorteerfouten. “Op Campus 2 hebben de arbeiders veertien verschillende afvalstromen gesorteerd, met zeer weinig sorteerfouten. Dat is het beste bewijs dat sorteren werkt wanneer het samen met de verschillende bouwactoren wordt uitgedacht, zoals leveranciers, de afvalbeheerder en onderaannemers.” Dat benadrukt Xavier Laliere, werfleider bij BPC.

CO₂-impact 

Om de milieuvoordelen van de dienst objectief te beoordelen, vergeleek Shipit de CO₂-uitstoot van de verschillende afvalverwerkingsmethoden. Daarbij ging het uit van de afvalstromen die de Campus 2-werf daadwerkelijk produceerde en van de emissiefactoren van Buildwise. De conclusie: tijdens de testperiode kon dankzij ReloAD 30 ton CO₂ worden vermeden. 

De methodologie steunt op de emissiefactoren van Buildwise: verbrande massa × verbrandingsfactor = CO₂-uitstoot. Voor gewoon industrieel bouwafval bedraagt de verbrandingsfactor 1.400 kg CO₂e per ton. De andere verwerkingsstromen, zoals de recyclage van inert afval, hout en metalen of de recyclage van gips voor pleisterwerk, hebben in vergelijking een verwaarloosbare CO₂-impact van ongeveer 1 tot 3 kg CO₂e per ton. Met andere woorden: de totale klimaatimpact hangt nagenoeg uitsluitend af van de hoeveelheid afval die niet wordt verbrand. Precies die hoeveelheid kan door sorteren aan de bron worden beperkt: het aandeel gemengd afval wordt erdoor tot een derde teruggebracht. 

Impact op de mobiliteit 

De combinatie van ReloAD en kitting heeft ook een concreet effect op de mobiliteit rond de werf. Omdat dezelfde vrachtwagens zowel de materialen leveren als het gesorteerde afval meenemen, vervult één rit beide functies. Op een stadswerf zoals Campus 2 in Anderlecht betekent dit dat voor hetzelfde vervoerde materiaalvolume minder verschillende vrachtwagens op en rond de site moeten rijden. Studies wijzen op een halvering van het aantal leveringen en/of ophalingen op de werf. 

Kosten 

Dat was een van de grote vragen bij de start van het project: is ReloAD een dienst die de sector zich werkelijk kan veroorloven? Op basis van de BPC-werf werden vier scenario’s vergeleken. 

Scenario 1 (business as usual): één houtcontainer, één container voor inert afval en één container voor gemengd afval. Dit is de gebruikelijke kostenreferentie voor een residentiële werf die vergelijkbaar is met onze proefwerf in het Brussels Gewest (6.000 m²). 

Scenario 2 (ReloAD gecombineerd met kitting op de proefwerf): op Campus 2 werden de materiaalleveringen en afvalophalingen in dezelfde ritten gecombineerd. Het resultaat is een meerprijs van minder dan 10% ten opzichte van het referentiescenario, met een aanzienlijke CO₂-winst en een betekenisvolle hoeveelheid materiaal die rechtstreeks bij producenten zoals Knauf of Wienerberger opnieuw werd gevaloriseerd. 

Scenario 3 (100% gemengd afval): in deze configuratie wordt ervan uitgegaan dat de beschikbare ruimte zo beperkt is dat op straat alleen een container voor gemengd afval kan worden geplaatst. Dit scenario staat tegenover de ReloAD-aanpak, aangezien het sorteerstation volledig modulair is. 

Scenario 4 (ReloAD gecombineerd met kitting op toekomstige werven): dit scenario raamt de uiteindelijke kosten van het afvalbeheer op een werf die vergelijkbaar is met de proefwerf, volgens het model van het ReloAD-sorteerstation en rekening houdend met de opgedane ervaring en de voortdurende ontwikkelingen binnen het project. Ook hier lijkt de meerprijs verwaarloosbaar in verhouding tot de milieuprestaties. 

De vaststelling is dan ook duidelijk: op deze eerste werf kost ReloAD iets meer dan het klassieke afvalbeheer, maar die redelijke meerprijs moet worden afgewogen tegen de andere voordelen: traceerbaarheid, CO₂-reductie, valorisatie van materialen bij de producenten en een beter imago voor de sector. 

In de toekomst zullen andere logistieke configuraties worden getest om de dienst op zoveel mogelijk werven aan te bieden. “Deze eerste werf bevestigt dat het economische model van ReloAD concurrentieel kan zijn ten opzichte van de huidige markt. Dat is een solide basis om de dienst verder te verfijnen”, aldus William Dockx van Shipit. 

Lessen 

Voor een aannemer levert deze testfase concrete lessen op. Ten eerste werkt sorteren aan de bron zonder het werk van de arbeiders ingewikkelder te maken, op voorwaarde dat het sorteerstation op maat wordt gedimensioneerd volgens de materialen die daadwerkelijk op de werf worden geleverd. 

Ten tweede vormt de meerprijs geen onoverkomelijke hinderpaal. Met ongeveer 10% boven op de kosten van klassiek afvalbeheer blijft die beheersbaar, zeker in vergelijking met het alternatief van een ophaaldienst voor reeds gesorteerd afval. 

Ten slotte hoeft de aannemer zich niet langer te bekommeren om de administratieve en organisatorische lasten: ReloAD staat in voor de opleiding van de ploegen, de ophaling, de bundeling, de monitoring en de traceerbaarheid. 

Gesterkt door deze resultaten zet het project zijn interne ontwikkeling voort. Het doel is de dienst op basis van de eerste lessen verder te consolideren, zodat hij binnenkort op meerdere werven kan worden aangeboden. 

Meer weten? marion.anbergen@embuild.be en william.dockx@shipit.be 

De gesorteerde afvalstromen en enkele kerncijfers

  • 14 gesorteerde afvalstromen, met 0% afkeur: de arbeiders maakten geen sorteerfouten. 
  • Slechts 28% van het afval belandde in de container voor gemengd afval. Dat is 50% minder dan op een klassieke werf. 
  • 28,8 ton gips werd via gespecialiseerde recyclagestromen teruggenomen (Knauf). 
  • 7,72 ton tegels, keramiek en bakstenen werd rechtstreeks door Wienerberger teruggenomen. 
  • Naast de klassieke stromen van inert afval, hout en metalen werden ook karton, transparante en gekleurde zachte kunststoffen, omsnoeringsbanden, harde kunststoffen, siliconenpatronen, spuitbussen met PU-schuim, EPS, XPS en PUR/PIR gesorteerd. 
  • Een beheerste meerprijs van ongeveer 10% ten opzichte van klassiek afvalbeheer met gemengd afval. 
  • Een CO₂-reductie van 66% voor de post ‘werfafval’, goed voor 30 ton vermeden CO₂-uitstoot. 

 

 

 

Artikel overgenomen uit Embuild Magazine van september 2026.